Nieuw Bindend Sociaal Objectief: inventaris onbebouwde percelen op de Gemeenteraad
SOLVA brengt momenteel de gronden van de Vlaamse besturen in kaart. In een volgende fase zullen we de betrokken Vlaamse besturen aanschrijven om na te gaan of bepaalde gronden in aanmerking komen voor de uitzonderingen van het nieuw Bindend Sociaal Objectief, op basis van bijzondere karakteristieken.
Overzicht van de deadlines
De deadline van 31 oktober voor het indienen van de inventaris van onbebouwde percelen is bijzonder krap. De uiterste indieningsdatum voor de overeenkomst met de woonmaatschappij die door de gemeenteraad werd goedgekeurd, is intussen wel verschoven van 1 november naar 1 december 2026.
Voor het opmaken van de berekening onbebouwde percelen stelt SOLVA nog steeds de datum van 31 oktober voorop. Maar gelet op het uitstel voor de samenwerkingsovereenkomst is het aangewezen om ook de agendering van de berekening van de gezamenlijke oppervlakte op de Gemeenteraad met één maand uit te stellen. Zo kunnen beide inhoudelijk samenhangende dossiers tijdens dezelfde gemeenteraadszitting behandeld worden, wat de besluitvorming efficiënter maakt.
De Vlaamse Codex Wonen van 2021 bepaalt dat gemeenten uiterlijk 31 oktober 2026 de gezamenlijke oppervlakte van de onbebouwde bouwgronden en kavels van Vlaamse besturen moeten berekenen. De gemeenteraad moet de berekening vaststellen, maar kan die bevoegdheid delegeren aan het college van burgemeester en schepenen. De resultaten van de berekening blijven van kracht tot en met 2042.
Uitzonderingen
Bij de berekening worden gronden die beantwoorden aan de bijzondere karakteristieken vermeld in artikel 5.107, 1°, van de Vlaamse Codex Wonen van 2021 buiten beschouwing gelaten. Het gaat onder meer om gronden die noodzakelijk zijn voor de uitoefening van de taak van de betrokken rechtspersoon, verpachte gronden of gronden die ingericht zijn als collectieve voorziening.
Sancties
Gemeenten die bij de eerstvolgende voortgangstoets in 2028 onvoldoende inspanningen blijken te leveren om het bindend sociaal objectief te realiseren, zullen minstens 25% van de gezamenlijke oppervlakte moeten aanwenden voor de verwezenlijking van sociale huurwoningen.


